Bij het presenteren aan de hand loopt het paard op afstand en is het een uitdaging om tijdens het tonen van alle gangen de controle over het paard te houden.

Voor de stap moet u het paard leren naast u mee te stappen in een ontspannen houding. Het hoofd niet te hoog zodat het paard meer “over de rug” kan lopen en daardoor grotere passen kan nemen. Snel stappen betekent niet vanzelfsprekend dat een paard ruim stapt!

U leert het paard op de hoefslag netjes rondgaan maar ook moet u de stap op de middenlijn laten zien waar u geen aanleuning heeft van de bakrand.

Na de stap worden de draf en de galop getoond aan de longe. Aan de longe heeft u controle over alle 3 de gangen en kunt u het paard activeren en langzamer laten lopen op commando. U leert het paard aan de buitenkant van de cirkel te blijven lopen en niet naar binnen te vallen. Waarom? De voorbrenger moet het paard leren om de volte in draf te verlaten en rechtdoor over de lange zijde te gaan. Zonder controle over tempo en richting wordt dit een moeilijke opgave! U mag kiezen of u het paard links- of rechtsom laat galopperen op de volte. Kies de kant waarop het paard het makkelijkste, soepelste en krachtigste galoppeert. Na de galop vraagt u het paard te draven en probeert u zo snel mogelijk het ritme onder controle te krijgen. Op de volte kunt u al wat de tempowisselingen in de draf oefenen. Leer het paard aan om op een commando uitgestrekte draf te tonen. Dit helpt u en het paard om de uitgestrekte draf op de lange zijde tonen. Indien het paard aangaloppeert, corrigeert u dit en herhaalt de oefening. LET OP: Thuis kunt u zoveel voltes draaien als u wilt om het paard te trainen en te corrigeren, ECHTER in de ring mag u maar enkele voltes draaien.

Het opstellen gebeurd in het midden van de bak. Het paard moet rustig staan, het liefst vierkant, evt. kunt u een van de achterbenen wat naar voren of achter opstellen om de achterhand beter uit te laten komen. Bij het aandachtig kijken en beoordelen van de hals en hoofd/halsverbinding kunt u d.m.v. de opstelling dit onderdeel van uw paard beter uit laten komen.

 

De gang van zaken in de ring 
Wanneer u met alle deelnemers van de sectie in de ring komt, krijgt u direct de kans uw paard positief onder de aandacht van de keurmeester te brengen. Dit doet u door het paard rustig, maar actief en ruim rond te laten stappen op de hoefslag. Zodra de ringmeester aangeeft dat het paard (individueel )kan worden voorgesteld, loopt u met uw paard over de A-C lijn. Wanneer u ongeveer 30 a 40 meter heeft gelopen over de A-C lijn, zet u het paard op de volte en laat u het aangalopperen met uitzondering van jonge paarden t/m 2 jaar. De galop mag zowel links- als rechtsom getoond worden. U zorgt dat het paard mooi, actief en opwaarts en in cadans galoppeert. Na de 4 rondes in galop, neemt u het paard terug in draf en bereidt u hem voor om linksom over de langzijde in uitgestrekte draf te gaan. Het is de bedoeling om een gedragen, ruime en taktmatige draf te laten zien.

Dit betekent dat het heel belangrijk is dat de voorbrenger snel genoeg rent om het paard niet te belemmeren en het paard maximale ruimte in zijn drafpassen kan maken. Na deze lange zijde draf, komt u op de korte zijde terecht waar u uw paard nogmaals kunt voorbereiden op een uitgestrekte draf op de lang zijde. Ditmaal mag u echter maar de helft van de lange zijde gebruiken (ongeveer 20 meter) waarna u direct uw paard in het midden van de bak opstelt voor de keurmeester. Let goed op dat uw paard de keurmeester niet omver loopt!! 
 

 

Functionaliteit
Hengsten van 4 jaar of ouder en ruinen (4 jaar en ouder) moeten ook onder het zadel getoond worden in de functionaliteit. Merries van 4 jaar en ouder mogen in de functionaliteit getoond worden maar dit is niet verplicht.) 

Toilet
Bij de (jonge) merries mag de eigenaar kiezen tussen: manen en staart lang of de manen, voorpluk en staart volgens Spaanse traditie scheren. Nog steeds is er een tendens te merken dat de jury het prefereert indien de manen en staart geschoren zijn.

Bij hengsten jonger dan 2 heeft de eigenaar wederom de keuze om de manen en staart lang te laten of te scheren volgens Spaanse traditie. De hengsten van 3 jaar en ouder mogen niet geschoren zijn. Manen horen aan 1 zijde te hangen (voorkeur links). Ongeacht het geslacht van uw paard en volgens het reglement mag u slechts overtollig haar wegknippen van de oren en benen (sokken) en zodanige mate dat het paard nog bescherming heeft tegen muggen (oren) en water (sokken). De kaaklijn mag bijgeknipt worden maar de voelsprieten daarentegen mogen niet geknipt worden!

©2019 | Vereniging van het Spaanse paard Nederland

Privacy statement